Tot mijn 53 mankeerde ik nagenoeg niets. Bij de dokter kwam ik zelden.
Was ik niet lekker dan bracht een paracetamolletje, een beker hete melk en vroeg onder de
wol, uitkomst. Twee leuke banen, voor klusjes was weinig tijd, die deed ik als ik er zin in had,
of in het weekend, of in de vakantie. Mega druk met werk, studie, sociaal leven, hobby’s en
wat al zo niet meer als je kinderen het huis uit zijn en je geen partner hebt om tijd mee door
te brengen.

Nu 2 jaar later. Ben ik nog aan het overleven. Mijn hoofd soms duf van de prednison die er
ook voor zorgt dat ik erg slecht slaap. Bij de heldere periodes moet ik alles op de rit krijgen
en / of houden met mijn werk, mijn huishouden, mijn vrienden en familie.
Wettelijke regelingen, wet poortwachter, UWV, ik had er nog nooit mee te maken gehad. Wat
een doolhof en zo onduidelijk: “Ja, gemakkelijker kunnen we het niet maken”.
Wettelijke regeltjes dwingen me tot nadenken en handelen. Informatie vergaren met een duf
hoofd, waar niets lijkt te blijven hangen en toch zo belangrijk is, want welke kant gaat dit op.
Ging ik 2 jaar geleden nog voor geen pijn, nu ben ik al tevreden als ik mijn dagelijkse dingen
zelf kan uitvoeren. Voor de ene baan in de zorg is het al gauw duidelijk, dat wordt niets meer.
Helaas! Zelfs integreren was een doodlopend pad. In de andere baan hield ik het wat langer
vol. Met de complimenten naar die werkgever die me tegemoet kwam daar waar nodig. Maar
uiteindelijk lukt ook dat niet meer. Balen.

Het UWV snapt er geen bal van, komt niet vaak voor twee banen waarin het traject niet gelijk
oploopt. Het is toch echt 1 lichaam dat chronisch ziek is!
Inmiddels ruim twee jaar verder en dat ene lijf is 100% afgekeurd. Het UWV is er helemaal
uit. Aan de ene kant ben ik opgelucht, want het is nu duidelijk. Aan de andere kant heb ik
moeite met het gevoel niet meer mee te doen in de maatschappij. Geen collega’s te hebben
en dat er niets van me verwacht wordt. Veel vrije tijd, dat blijft over. Maar dat is natuurlijk niet
juist. Ik doe nog steeds mee, maar anders.

Eindelijk is er tijd om alle kasten na te lopen, laatjes op te ruimen en veel weg te doen.
Ruimte in mijn huis en in mijn hoofd. Tijd voor nieuwe dingen.
Tijd voor dingen waarvan ik nooit gedacht had er ooit tijd voor te krijgen. Zo gaat dat als je
niets mankeert. Natuurlijk “stoot” ik daarbij regelmatig mijn hoofd en is een nieuw ontdekte
activiteit soms toch te zwaar, maar ik ga niet bij de pakken neerzitten. Zo zit ik ook niet in
elkaar. In moeilijke tijden leer je je eigen veerkracht kennen.
Ik moet nog leren denken in kleine stappen i.p.v. grote. Dan kom ik er ook heus wel.
Er is nu in ieder geval veel tijd voor familie, vrienden, nieuwe uitdagingen, inspiratie,
zelfreflexie of om gewoon te niksen en te genieten van al die vrije tijd.

verhalen-004-boek-puck-hoofdstuk-02-tijd

Dit verhaal is geschreven door Puck Steinmetz en is een hoofdstuk uit haar verhalenbundel “Worstelen met RA”, verschenen t.g.v. 30 jr. REUMA patiënten vereniging ALKMAAR. Periodiek zullen we hier deze verhalen publiceren.

Publicatiedatum 03-11-2016